Tijdens je studie al voor jezelf beginnen? Dat is helemaal niet zo gek. Misschien maak je websites, fotografeer je evenementen, geef je bijles of help je bedrijven met social media. Zodra mensen bereid zijn daarvoor te betalen, kan het interessant worden om je werkzaamheden serieuzer aan te pakken.
Als zzp’er naast je studie doe je niet alleen werkervaring op. Je leert ook omgaan met klanten, tarieven, deadlines en je eigen administratie. Bovendien komen er zaken bij kijken waar je bij een gewone bijbaan nauwelijks over hoeft na te denken. Maar waar begin je?
Van een bijbaan naar werken voor jezelf
Het grote verschil met een bijbaan is dat je als zzp’er zelf bepaalt welke opdrachten je aanneemt en tegen welke voorwaarden. Je hebt geen werkgever die je uren inroostert, maar zoekt zelf klanten en maakt afspraken over wat je levert.
Dat kan tijdens je studie interessant zijn. Je kunt opdrachten aannemen die aansluiten bij je opleiding en tegelijkertijd een portfolio opbouwen. Een student communicatie kan bijvoorbeeld teksten schrijven voor bedrijven, terwijl een student ICT websites bouwt of technische ondersteuning levert.
Je hoeft daarbij niet meteen groot te beginnen. Eén of twee opdrachten kunnen al genoeg zijn om te ontdekken of zelfstandig werken bij je past.
Wanneer moet je je inschrijven?
Wie af en toe iets voor iemand doet, is niet automatisch ondernemer. Ga je vaker zelfstandig opdrachten uitvoeren, bied je actief je diensten aan en verdien je daar geld mee, dan kan het nodig zijn om je onderneming in te schrijven.
Veel startende zzp’ers kiezen voor een eenmanszaak. Dat is relatief eenvoudig op te zetten en past bij iemand die alleen begint. Houd er wel rekening mee dat een inschrijving ook betekent dat je zaken zoals facturatie en administratie zelf goed moet regelen.
Twijfel je of jouw werkzaamheden al als onderneming gelden? Controleer dan voordat je begint welke regels op jouw situatie van toepassing zijn.
Wat vraag je voor je eerste opdracht?
Een van de lastigste vragen voor beginnende freelancers is vaak: wat is mijn werk waard?
Als student ben je misschien geneigd om laag in te zetten omdat je nog niet bent afgestudeerd. Toch zegt je studentenstatus niet automatisch iets over de kwaliteit van het werk dat je levert en een opdrachtgever betaalt uiteindelijk voor het resultaat.
Kijk daarom niet alleen naar het bedrag dat je per gewerkt uur wilt overhouden. Je bent ook tijd kwijt aan contact met klanten, administratie, acquisitie en voorbereiding. Daarnaast kun je kosten hebben voor bijvoorbeeld software, apparatuur of vervoer.
Spreek vooraf duidelijk af wat je voor een opdrachtgever doet, hoeveel het kost en wanneer je het oplevert. Daarmee voorkom je veel discussie achteraf.
achten goed bij te houden, blijft het overzichtelijk wanneer je onderneming groeit.
Hoe kom je aan je eerste klanten?
Je hoeft niet direct een uitgebreid verkoopplan te hebben. Veel studenten vinden hun eerste opdrachten gewoon via mensen die ze al kennen.
Denk aan medestudenten, oud-werkgevers, verenigingen, stages of ondernemers in je eigen netwerk. Laat vooral duidelijk zien wat je doet en welk probleem je voor iemand kunt oplossen.
Ook een klein portfolio kan helpen. Heb je nog geen klantwerk om te laten zien? Maak dan een paar voorbeelden van wat je kunt. Een potentiële opdrachtgever ziet meestal liever concreet werk dan alleen een verhaal over je vaardigheden.
Heb je eenmaal een tevreden klant, vraag dan gerust of diegene iemand kent die jouw hulp ook kan gebruiken. Zo kan een klein netwerk vrij snel groter worden.
Wat als je zzp-inkomen steeds belangrijker wordt?
In het begin is zzp’en naast je studie vaak vooral een manier om extra geld te verdienen. Maar zodra je meer opdrachten krijgt en je onderneming een groter deel van je inkomen oplevert, wordt het ook belangrijker om na te denken over risico’s.
Kun je door ziekte tijdelijk niet werken, dan heb je als zelfstandige geen werkgever die je salaris doorbetaalt. Je kunt daarvoor zelf een buffer opbouwen, maar er bestaan ook alternatieven zoals een schenkkring voor ondernemers, waarbij zelfstandigen elkaar financieel ondersteunen bij ziekte.
Welke oplossing past, hangt af van je situatie en hoeveel inkomen je uit je onderneming haalt. Als je wilt weten hoe zo’n vangnet in de praktijk is geregeld, kun je ook bekijken hoe SamSamkring werkt.
Gewoon beginnen, maar regel de basis
Je hoeft als student niet eerst een compleet ondernemingsplan te schrijven voordat je voor het eerst voor een klant kunt werken. Begin met iets waar je goed in bent, kijk of daar vraag naar is en leer gaandeweg hoe zelfstandig ondernemen werkt.
Zorg ondertussen dat je afspraken, administratie en financiën goed geregeld zijn. Wordt je onderneming groter, dan kun je ook zaken als financiële buffers en inkomen bij ziekte verder gaan regelen.
Zo levert ondernemen tijdens je studie je niet alleen extra inkomsten op, maar vooral ervaring waar je ook na je afstuderen veel aan kunt hebben.